Buscar
Estás en modo de exploración. debe iniciar sesión para usar MEMORY

   Inicia sesión para empezar

level: Hoofdstuk 6

Questions and Answers List

level questions: Hoofdstuk 6

QuestionAnswer
Wat wordt er verstaan onder een sociale groep?sociale groep bestaat uit twee of meer mensen die zich met elkaar identificeren en met elkaar omgaan. zij hebben gemeenschappelijke ervaringen en interesses en spreken in wij-termen maar behouden wel hun eigen identiteit.
In welke twee soorten groepen kunnen sociale groepen worden onderscheiden?1. primaire groep: een kleine, sociale groep waarvan de leden persoonlijke en duurzame relaties met elkaar onderhouden. deze groep verbindt ons met de rest van de samenleving. de groep is voor de leden niet een middel, maar een doel op zich. 2. secundaire groep: een grote, onpersoonlijke sociale groep waarvan de leden een specifiek doel of activiteit nastreven. ze hebben zwakke banden met elkaar en de leden zijn doelgericht, de groep is het middel om dit doel te bereiken.
Wat is het verschil tussen instrumenteel- (1) en expressief leiderschap (2)?1 = groepsleiderschap dat zich op het voltooien van opdrachten richt; leiders onderhouden formele, secundaire relaties met leden; ontvangen veelal respect. 2 = groepsleiderschap dat zich op het welzijn van de groep richt; persoonlijke en primaire betrekkingen met leden; ontvangen eerder affectie.
Wat is het onderscheidt tussen autoritaire- (1), democratische- (2) en laisser-faire (3) leiders?1 = richten zich op het realiseren van het groepsdoel, nemen beslissingen zelf en eisen dat de groepsleden doen wat hun wordt opgedragen. 2 = zijn expressiever en willen iedereen bij de besluitvorming betrekken. 3 = geven een groep de mogelijkheid om min of meer zelfstandig te werk te gaan.
Waarom is het grootste probleem bij groepsdiscussies groepsdenken?de neiging van groepsleden om zicht te conformeren, waardoor er een tunnelvisie op een bepaald vraagstuk ontstaat. denk aan de onderzoeken van Asch (groepsconformiteit), Milgram (gehoorzaamheid aan autoriteit) en Janis (conformeren door deskundigen)
Op welke manier beoordelen we ons eigen gedrag?we maken gebruik van een referentiegroep (een sociale groep die voor evaluaties en beslissingen als referentiepunt dient) volgens Souffers vormen we altijd een subjectief beeld van onze situatie, door onszelf te relateren aan specifieke referentiegroepen.
Wat is het verschil tussen een ingroep en een outgroep?een ingroep is een sociale groep waarvoor een lid respect en loyaliteit voelt (wij-gevoel). een outgroep is aan sociale groep waarvoor een individu een gevoel van competitie of tegenstand ervaart (zij-groep).
Hoe beschrijft Simmel sociale groepen met twee of drie leden?2= dyade; intensiever want geen aandachtverdeling; instabieler; beide moeten inspanning leveren. 3= triade; stabieler want 1 kan bemiddelende rol spelen bij conflict; kan leiden tot buitensluiting.
Op welke drie manieren kan interactie door sociale diversiteit beïnvloed worden?1. grote groepen keren zich naar binnen 2. heterogene groepen keren zich naar buiten 3. fysieke grenzen creëren sociale grenzen
Wat wordt er verstaan onder een netwerk?netwerk bestaat uit een web van zwakke sociale banden. het is een groep mensen die af en toe contact hebben maar geen verbinding voelen. het kan een belangrijk hulpmiddel. rijke hebben vaak groter netwerk dan arme en mannen groter dan vrouwen.
Welke verschillende soorten organisaties onderscheiden we?1. formele organisaties: omvangrijke secundaire groepen die hun doelen zo efficiënt mogelijk willen realiseren, formeel en onpersoonlijk karakter. 2. utilitaire organisatie: betaalt mensen voor hun inspanningen. 3. normatieve organisatie: mensen sluiten zich hierbij aan om een bepaald doel na te streven. 4. binnen deze organisaties kan een onderscheidt gemaakt worden tussen vrijwilligersorganisaties en organisaties met dwangregime.
Wat is een traditie en hoe verhoud dit zich tot rationalisering?traditie bestaat uit waarden en opvattingen die van generatie op generatie worden doorgegeven. rationalisering is de historische overgang van een traditionele naar een rationele wijze van denken (moderne wereldvisie). volgens Weber komen we hierdoor in een ijzeren kooi van doel-rationeel handelen terecht, waar steeds minder ruimte is voor waarde-rationele overtuigingen.
Wat is een bureaucratie? En welke zes kenmerken noemt Weber voor een ideale bureaucratie?= een met het oog op een efficiënte taakuitvoering rationeel opgebouwd organisatiemodel. 1. specialisatie 2. hiërarchische organisatie 3. regels en reglementen 4. technische competentie 5. onpersoonlijkheid 6. formele, schriftelijke informatie
Welke factoren kunnen invloed hebben op het functioneren van een organisatie?- omgevingsfactoren - actuele gebeurtenissen - samenstelling bevolking - aanwezigheid andere organisaties
Wat zijn enkele problemen die kunnen optreden bij een bureaucratie?1. bureaucratische vervreemding (onpersoonlijkheid zorgt voor ontmenselijking) 2. bureaucratische inefficiëntie en ritualisme (= een organisatie richt zich in die mate op regels en reglementen dat zij niet meer toekomt aan het eigenlijke werk) 3. bureaucratische inertie (de neiging om zichzelf in stand te houden, ook al heeft de organisatie haar doelen al gerealiseerd) 4. oligarchie (velen worden door enkele geregeerd)
Wat is scientific management en uit welke stappen bestaat dit?= bestaat uit het toepassen van wetenschappelijke principes op het functioneren van een onderneming of andere grote organisaties. 1. managers observeren wat elke werknemer doet en stellen de handelingen per werknemer en de gebruikte tijd voor elke handeling vast; 2. managers analyseren deze informatie en proberen erachter te komen hoe de werkzaamheden efficiënter verricht kunnen worden; 3. het management stimuleert de werknemers om efficiënter te werken en begeleidt hen daarbij.
Wat zijn belangrijke verschillen in organisaties die op zijn gekomen door de ontwikkeling van de economie van industrieel tot postindustrieel?1. werknemers kunnen over een bepaalde creatieve vrijheid beschikken 2. competitieve teams die aan een bepaald probleem werken 3. een plattere organisatie: spreiding van verantwoordelijkheid 4. grotere flexibiliteit: snel inspelen op veranderingen
Wat zijn de vier fundamentele organisatieprincipes die een belangrijke rol zijn gaan spelen (door McDonaldisering)?1. efficiëntie 2. kwantificeerbaarheid: kwantiteit belangrijker dan kwaliteit 3. voorspelbaarheid: producten en bereiding overal gelijk 4. controle: automatisering
Waarom vreesde Weber dat onze verbeeldingskracht en spiritualiteit door formele organisaties zouden worden ondermijnd?systemen werken efficiënt, maar ook dehumaniserend. hierdoor gebruiken de werknemers slechts een deel van hun capaciteiten. dit leidt tot hoog ziekteverzuim, ontevredenheid en een groot personeelsverloop. deze laagbetaalde banen met weinig ingewikkeld werk worden ook wel McJobs genoemd.